Dagelijkse beoefening

De dagelijkse beoefening van Nichiren Daishonins boeddhisme bestaat uit drie onderdelen: beoefening, geloof en studie. Dit zijn de belangrijkste ingrediënten in het recept voor het onthullen van de inherente boeddhastaat of boeddhaschap die ieder mens bezit.

Geloof betekent te geloven in de leer van Nichiren en er net als hij van overtuigd zijn dat alle mensen deze boeddhastaat bezitten. Beoefening duidt op het dagelijkse reciteren van de zinsnede Nam-myoho-renge-kyo en twee gedeelten uit de Lotus Soetra (gongyo), en anderen vertellen over Nichirens leer. Studie duidt op het bestuderen van de boeddhistische leer en het begrip ervan te verdiepen.

Geloof

Van deze drie is geloof het meest fundamenteel voor het bereiken van boeddhaschap. Hiermee wordt niet bedoeld dat men iets zomaar moet aannemen, maar dat men openstaat voor positieve mogelijkheden. Daisaku Ikeda, president van de  SGI, schreef hierover: “In het boeddhisme staat geloof voor een zuiver hart en een open en flexibele geest. Geloof heeft in het menselijk leven de taak om de donkere wolken van twijfel, angst en spijt te verdrijven en je oprecht en met een open hart in te zetten voor een groot doel.”

Beoefening

’s Morgens en ’s avonds reciteren de leden van de SGI de woorden Nam-myoho-renge-kyo en twee delen uit de Lotus Soetra; deze dagelijkse beoefening heet gongyo. Hoe lang men per keer reciteert, is een persoonlijke keuze. Dit dagelijks ritueel vormt de basis van de dagelijkse beoefening; het is het moment waarop men kan nadenken over de prioriteiten in het leven, en in verbinding komt te staan met een dieper levensritme.

Nichiren Daishonins boeddhisme onderwijst dat de werking van het universum een uitdrukking is van een enkele Wet, uitgedrukt in de zin Nam-myoho-renge-kyo. Door het reciteren van Nam-myoho-renge-kyo kunnen alle mensen deze Wet in hun eigen leven waarnemen en er in harmonie mee leven.

Dit is een krachtig recept voor individuele zelfontplooiing. Iedereen kan het onvermijdelijke lijden dat inherent is aan het leven omzetten en als brandstof gebruiken voor groei en vervulling, wat een positieve invloed zal hebben op iemands familie en de samenleving.

Studie

Nichiren legt uit dat geloof de aanzet is tot beoefening en studie, en dat beoefening en studie er voor zijn om geloof te verdiepen. In ‘Het ware aspect van alle verschijnselen’ zegt hij: “Span u in op de twee manieren van beoefening en studie. Zonder beoefening en studie kan er geen boeddhisme zijn. U moet niet alleen zelf volharden, u moet ook anderen onderwijzen. Zowel beoefening als studie komen voort uit geloof. Onderwijs anderen zo goed als u kunt, ook al is het maar een enkele zin of zinsnede.” (De geschriften van Nichiren Daishonin, deel II, p. 286)

Door het reciteren van Nam-myoho-renge-kyo, het bestuderen van de leerstellingen van Nichiren en de Lotus Soetra en dagelijkse inspanningen voor het welzijn van anderen streven wij, SGI-leden, naar een levensconditie van diep geluk en wijsheid om op deze manier een positieve bijdrage te leveren aan de samenleving.